Constantinopel

19 mei 2018 - Istanbul, Turkije

Het is een vrijdagmiddag tijdens de ramadan, dus de snelweg naar het hart van Istanbul is druk. De chauffeur probeert het verkeer te omzeilen via ingewikkelde sluiproutes door buitenwijken van de stad. Het levert voor mijn gevoel niet veel tijdwinst op, maar wel een interessante rit.

Onze bestemming is het Boutique Saint Sophia, een voor Turkse begrippen prijzig en luxe hotel, letterlijk op een steenworp afstand van de Aya Sofia. Mooie ruime kamers met uitzicht op de Alemdar Caddesi, hoofdstraat van de historische wijk Sultanahmet, vernoemd naar de gelijknamige moskee die op haar buurt weer is genoemd naar Sultan Ahmed I. De ramen van het hotel zijn uitstekend geïsoleerd, waardoor je bijna niets hoort van de voorbij denderende trams en de galmende minaretten.

“Allahu Akbar!” De speakers van de Aya Sofia staan op maximaal volume, dus de oproep tot gebed is goed te horen op het dakterras waar we dineren. De muziek stopt even, terwijl we genieten van een prachtig uitzicht over de stad. Gelukkig kunnen we overal gewoon eten en drinken, ook overdag, ondanks dat Turkije steeds islamitischer wordt. Tien jaar geleden droeg een op de drie vrouwen een hoofddoek, nu twee keer zo veel.

Op de weg terug naar ons hotel lopen we nog even langs de Sultanahmet of Blauwe Moskee, officieel gesloten voor bezoekers vanwege het vijfde en dus laatste gebed van deze mooie dag. Het park voor de moskee is druk vanwege ramadan. Families zitten op het gazon te eten, de sfeer is ontspannen. Een goed begin van ons weekend weg met An en Twan!

Overal in Istanbul hangen slingers met vlaggetjes van politieke partijen, want op 24 juni zijn de landelijke verkiezingen. De pro-Europese IYI partij is sterk aanwezig, evenals de Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling, de AK Partij.

Het is tot ‘s avonds laat heel druk op straat en er is veel politie op de been. Een pantservoertuig voorzien van een mitrailleur staat klaar met lopende motor. Later horen we dat president Erdogan vandaag op bezoek was in de stad, begeleid door twaalfhonderd bewakers. Hele straten waren afgezet, en dat was niet om de fans op afstand te houden. Vandaag begonnen twee mensen spontaan tegen ons te mopperen over de AK partij en haar leider.

Zaterdag vinken we de toeristische attracties af van Sultanahmet. Eerst naar de Aya Sofia, waar nu nog een korte rij staat. Niet het mooiste bouwwerk op aarde, maar wel indrukwekkend door haar omvang en hoge leeftijd. Ongeveer duizend jaar was de Christelijke kathedraal middelpunt van Constantinopel en van het Byzantijnse rijk, tot de Islamitische Ottomanen het bestuur overnamen, ruim vijfhonderd jaar geleden. In de tijd van Ahmed I werden grote ronde borden met Koranteksten opgehangen, gelukkig zonder de oude afbeeldingen van apostelen te beschadigen. Tot voor kort was de Aya Sofia een museum, maar op aandringen van conservatieve politici doet het nu weer dienst als moskee.

We vervolgen de wandeling naar de Blauwe Moskee. De prachtige koepel kunnen we dit keer helaas niet van de binnenkant bewonderen, er staan grote steigers voor, maar het blijft een indrukwekkende plek. Op weg naar het Topkapi paleis laat ik bij Salon Kadir Bay Bayan Kuaför mijn haar opscheren met opzetstuk 3 van de tondeuse. Een meneer komt de kapperszaak binnen en produceert een klank die me vaag doet denken aan mijn naam. “Your family is at the rooftop terrace of Ocean’s 7,” zegt hij met een Turks accent. Aha. “Teşekkür ederim,” zeg ik. Hartelijk dank.

Als de kapper mijn bakkebaarden heeft bijgewerkt met een vlijmscherp knipmes, vraagt hij “wax?” Ik denk dat hij iets in mijn haar wil smeren, dus ik knik bevestigend. Voor ik het doorheb, smeert hij net iets te hete groene was op mijn wangen. Wat zullen we nou krijgen?! Hij kwast de hele bovenkant van mijn gezicht vol, tot over mijn neusgaten en oren. Zodra de was is afgekoeld, en dat is gelukkig vrij snel, trekt hij een flexibel masker van mijn gezicht. Nadat mijn haar is gewassen betaal ik honderd lira en snel ik mij naar restaurant Ocean’s 7, waar An, Twan en Yvonne al aan de mezze zitten. Vanaf het dak hebben we een mooi uitzicht over de Bosporus. En mijn haar zit geweldig. Een groot deel van de middag dwalen we door het Topkapi paleis. Imposant.

Even bijkomen in het hotel en dan naar restaurant annex club 360, uiteraard met rooftop terrace. Het eten is prima en het uitzicht is spectaculair. Als we na het eten door de brede Istiklal Cadessi richting Taksim plein lopen, komt er ineens een grote groep voetbalsupporters ons tegemoet. Spreekkoren, liederen, Bengaals vuur en rood-gele vlaggen. Galatasaray is landskampioen geworden! Via wat omwegen bereiken we alsnog het Taksim plein. Aan de ene kant is het ramadan festival, bestaande uit een soort kerstmarkt en een podium waarop melancholische Turkse muziek wordt gemaakt; aan de andere kant staan uitgelaten voetbalsupporters te hossen. Het plein is groot genoeg, dus de twee werelden storen elkaar niet. Ertussen rijdt een bezemwagen om het straatvuil van de zaterdag op te vegen. De eerste taxi vraagt 90 lira (delen door vijf voor euro’s) om ons terug te rijden over de Galata brug, de tweede vraagt 35. Dat lijkt er meer op. Onderweg zien we overal uitzinnige fans met vlaggen uit auto’s hangen.

Op zondag nemen we de tram naar het puntje van Sultanahmet, waar we aanmonsteren op de kleine veerboot naar de andere kant van de Bosporus. An en Twan zijn voor het eerst in Azië! Tijdens een wandeling door de wijk Kadiköy rusten we even lekker uit op het terras van café Kibrit Kutusi. Ook hier stikt het van de lieve katten. Verschil met Sultanahmet is dat hier veel leuzen op de muur staan, meestal een beetje politiek getint. “Reform yourself” en “Do not make enemies”.

We nemen een taxi naar de wijk Üsküdar, nog steeds aan de Aziatische kant van de Bosporus. Bij de haven is veel lawaai van politieke partijen, dus we nemen de eerste boot terug naar de pier van Eminönü, waar we de specerij-bazaar bezoeken. Onder de gepleisterde gewelven bezoeken we een paar winkels met kleine kegels van kruiden in allerlei kleuren. Daar krijgen we trek van, dus we gaan even lunchen.

In de middag rijden we met een taxi naar het einde van de Gouden Hoorn, het water dat de twee Europese delen scheidt. Langs de boulevard zien we grote blauwe vlaggen van de Grijze Wolven, de extreemrechtse partij die hier een bijeenkomst houdt. Een “teleferik” (kabelbaan) voert ons over de grote begraafplaats naar de top van de Piyerloti heuvel, genoemd naar de Franse marine-officier Pierre Loti. We doen zoals de locals en bestellen een grote pot citroenlimonade op het terras met uitzicht over de Gouden Hoorn. Daarna wandelen we langs de witte graven terug naar het water.

Maandagochtend kopen we nog een paar leuke shirts voor Twan. Daarna verdwalen we tussen de vierduizend winkels van de Grote Bazaar. We kopen nog wat etherische olie en Turks fruit. Daarna rijden we naar de luchthaven.

Op de luchthaven speur ik naar mijn hoodie, die ik op de heenweg in het vliegtuig heb laten liggen. We beginnen bij de Lost & Found balie, maar die heeft alleen voorwerpen die in de terminal zelf zijn gevonden. Ze sturen me naar een rode telefoon die ergens in de hal aan de muur hangt. Op een poster staat dat ik 1256 moet bellen, dus dat doe ik. Er volgt een wat moeizaam gesprek vanwege achtergrondgeluiden en een slechte verbinding, dus de mevrouw aan de andere kant van de lijn zegt dat ze naar me toekomt. Al ze bij ons staat, belt ze met een collega. Vervolgens stuurt ze ons naar de "KLM office" in de vertrekhal. Na wat zoeken vinden we ergens een balie met daarboven allemaal logo's, waaronder die van de KLM. De meneer achter de desk schudt meewarig zijn hoofd, alsof ik in de maling ben genomen. Je moet beneden zijn, zegt hij, bij de Lost & Found. Pfff. We gaan vliegen...

Foto’s

1 Reactie

  1. Ann:
    24 juni 2018
    Oh wat leuk om terug te lezen! Het was een heerlijke trip!