Tingeling, tingeling

14 oktober 2021 - Nerja, Spanje

't Was zo fijn (tingeling, tingeling)
Bij maneschijn (tingeling, tingeling)
En Spaanse wijn (tingeling, tingeling)
Om samen te zijn
Lalalala...


Het is zover... in een paar dagen rijden we langs de mediterrane kust naar de Costa del Sol, zo fraai bezongen door de Zangeres Zonder Naam. Na onze fietstocht door Valencia brengt Max ons eerst naar Gandia, een dorpje omgeven door sinaasappelplantages, vandaar dat de camping aldaar Los Naranjas heet.

Wandeling vanaf de Finca

De volgende camping is een voormalige finca (boerderij) ten westen van de stad Cartagena, in een onherbergzaam landschap met keien en olijfbomen. We wandelen over een moeilijk begaanbaar pad naar de andere kant van de drooggevallen rivier (een 'rambla') waarvan de bedding vol ligt met grote slakkenhuizen. In de verte zien we de bergen van de Sierra de la Muela en iets dichterbij een oude molen van het soort waar de vernuftige edelman Don Quichote de la Mancha iets tegen had.

En route

Bij het inpakken der daktent kruipt er een grote spin uit, die zich verstopt onder de reserveband. Als we klaar zijn met inpakken, maken we nog even een praatje met een aardige Duitser die een HZJ 78 wil kopen voor een lange reis. Goed idee. Bij de poort van de camping maakt hij een foto van Max en ons.

Het zuid-oostelijke puntje van het Iberisch schiereiland bestaat uit Nationaal Park Cabo de Gata, letterlijk Kaap Kat maar eigenlijk een verbastering van Kaap Agaat. Voor we in het natuurpark zijn, moeten we eerst langs een paar miljoen vierkante meter aan kassen, bekleed met dun plastic. Het schijnt dat er tomaten worden verbouwd. Op kleine wegen tussen de percelen fietsen donkere mannen, soms met volle jerrycans aan het stuur. Overal wappert gescheurd en half vergaan plastic in de stormachtige wind.

Fraaie rotsen

In het natuurgebied vind je tientallen baaien met ongerepte stranden, een paar kleine dorpen met witte huizen in moorse stijl en een camping, alwaar wij twee nachten zullen verblijven. We wandelen anderhalve kilometer door een drooggevallen rivierbedding naar het Playa los Escullos, het Strand van de Sculpturen, vernoemd naar de grillig gevormde zandstenen rotsen. Er staan borden die waarschuwen voor een zeer gevaarlijke zee, maar die zijn vandaag niet nodig; je moet wel gek zijn om te gaan zwemmen in de meters hoge hoge golven die door de wind zijn opgestuwd en hier op de kust kapotslaan. De bodem bestaat uit glinsterend en veelkleurig gesteente, lang geleden rondgestrooid door de lokale vulkanen.

Stevige golven

Aan de voet van één zo'n slapende vulkaan, de Majada Redonda, ligt een klein wit dorpje, tussen de heuvels die zijn begroeid met geharde grassoorten en dappere struiken van een paar decimeter hoog. Zoals overal op het Spaanse platteland zie je ook hier veel rechthoekige zwart-witte bordjes, soms met de tekst Coto Privado de Caza, wat betekent dat het privé-terrein is waarop mag worden gejaagd. Vanuit de caldera klinken meerdere knallen, maar het is onduidelijk waarop wordt geschoten. Hier leven alleen insecten, vogeltjes en reptielen, lijkt mij.

Maandagavond zitten families en andere gezelschappen tot laat aan lange tafels, want veel Spanjaarden hebben een lang weekend vrij. Het is dinsdag Día de la Hispanidad, de dag waarop de 'ontdekking' van de Amerika's door de heer Columbus wordt gevierd, onder andere met een militaire parade die op TV wordt uitgezonden. Aan de andere kant van de oceaan groeit de weerstand, want daar staat 12 oktober 1492 juist symbool voor de ondergang van de oorspronkelijke bevolking. Mexico-Stad verwijderde vorig jaar het standbeeld van Columbus, officieel voor 'restauraties'. Hadden ze dat niet gedaan, dan was het zeker omvergetrokken door activisten.

Las Salinas (zoutpannen)

Na de tweede nacht staan we 's ochtends om zeven uur op, het is nog donker. We rijden naar een vogelhut aan een zoutmeer, met zicht op een tribune fouragerende flamingo's - geen idee waarom, maar een zwik flamingo's heet echt een tribune. Ze lopen met hun stelten door het water en slingeren hun dikke snavel in de bodem, op zoek naar garnaaltjes en ander klein grut. Na een uurtje genieten van de rust en het mooie uitzicht gaan we weer verder.

Western decor

Het is niet ver naar de Desierto de Tabernas, een woestijn waar het elk jaar ongeveer vier keer regent. Hier ligt Fort Bravo, in de jaren zestig van de vorige eeuw een locatie voor films, zoals de bekende spaghetti-western The Good, the Bad and the Ugly. Om in de sfeer te komen, draaien we op weg naar Fort Bravo de soundtrack van Ennio Morricone.

Bij de entree worden we door een cowboy beroofd van 38 euro entreegeld. Het park is dat niet waard, vooral omdat de foto-studio gesloten is en we dus geen portret in cowboy-kostuum kunnen laten maken. We maken wel een ritje met paard en wagen, bekijken enkele tientallen gevels van gebouwen in de stijl van het wilde westen, en beleven in de grote saloon een show van echte cowboys die heel hard Spaans met elkaar praten - geen idee waar het over gaat, maar aan het eind is iedereen doodgeschoten met een blaffer. Niet echt hoor.

Gedroogde ham in tankstation

Wegrestaurant Huéneja is de perfecte plek voor een lunch. Bij de deur staan zakken aardappelen van tien kilo en nog grotere zakken met hondenvoer, daarboven hangen gedroogde varkenshammen met poot. Twintig werkmannen eten schouder aan schouder in een aparte, kale ruimte die doet denken aan een klaslokaal. In het restaurant zien we vitrines met jagersmessen, worsten en kazen; op borden aan de muur staan eenvoudige maar uitstekende tapas. We kiezen de patatas bravas, chorizo en queso. Dan gaan we weer door, het is nog een stukje rijden naar Granada.

Alhambra

Donderdagochtend staan we weer in het donker op, dit keer voor een bezoek aan het Alhambra, ooit een paleis voor Sultan Yusuf van Granada en daarna het hof van de Spaanse Koning. Op deze plek kreeg Columbus opdracht om een nieuwe route naar India te zoeken. Toen Napoleontische troepen hier rond 1800 binnenvielen, woonden er krakers, die al snel werden ontruimd. Om kwart over acht gaan de hekken open, zodat onze groep door de grote tuin naar het paleis kan rennen. Hoewel we in de kopgroep zitten, is het vanaf het eerste moment te druk om de rijk versierde façades, muren en plafonds rustig te bewonderen. Fotograferen is een frustrerende aangelegenheid; bij de mooiste vijvers en binnenplaatsen staan aan beide kanten bezoekers te wachten tot iedereen aan de andere kant uit beeld is. Als we na een paar uur het Alhambra ontvluchten, komt er een grote stroom bezoekers onze kant op. Goed dat we er vroeg waren.

Dampende paella bij Ayo in Nerja

Rond het middaguur zijn we in het dorpje Nerja, waar we op advies van An & Twan gaan lunchen bij Ayo. Als we aankomen, zien we al een paëlla-pan van anderhalve meter doorsnede op een groot houtvuur staan. Dat was een goed advies! Even later zitten we in de zon te genieten van een heerlijk bordje paëlla, met uitzicht op de Costa del Sol.

't Was zo fijn, om samen te zijn. Tingeling, tingeling.

Foto’s

3 Reacties

  1. Ad lablans:
    15 oktober 2021
    Hallo Hidde en Yvonne,
    Het ziet er allemaal weer prachtig uit jullie besteden veel tijd aan de verslagen en die lezen wij met veel plezier nog heel veel reisgenot. Groeten,Ad en Truus
  2. Richard:
    20 oktober 2021
    Wat een leven.Ik krijg echt trek in paëlla.
  3. Jennie:
    8 november 2021
    ik heb genoten van jullie reisverhalen en mooie foto's lieve groet